La
Licorne
HOOG BEZOEK
O U D
S UIT B O K H O V E N, ~ HOOG BEZOEK ~
Inspiratie
van het mooie boek: „Het gouden kruis" door Walter
Breedveld
Pastoor Breugelmans, MGT 1958, pp 6, 7, 9
|
De nieuwe pastoor Laurentius van Uden kreeg
hoog bezoek op 13 Aug. 1869.
Toen pastoor Joh. Hub. van Roosmalen op 19 Mei 1869 stierf in de ouderdom van 66 jaren, gedurende 34 jaren pastoor van Bokhoven, werd pastoor van Uden zijn
opvolger. Mgr. J. Zwijsen, Aartsbisschop-Bisschop van 's Bosch benoemde hem op voordracht van de Hoogwaardige Heer Prelaat van Berne,
Andreas van Laarhoven, op 28 mei daarop volgende. Laurentius van Uden,
zoon van Johannes en Anna Maria v.d. Wiel, geboren te Oss,
6 maart 1822, was prior van de abdij. Hij werd 15 Juni 1869 in zijn pastorele waardigheid geïnstalleerd door de ZeerEerw.
Deken J. F. van de Poel, terwijl daarbij getuigen waren de Eerw.
Heren Henr. van den Brandt, pastoor te Engelen en I. A. F. van der Meulen, pastoor te Hedikhuizen.
2 maanden later, Vrijdag 13 Aug. kwam
Zijne Hoogheid de Hertog van
Mirepoix [Adrien-Charles-Gui-Marie],
wonende te Parijs, oudste
zoon en erfgenaam van Mevrouw
de Hertogin van Mirepoix, vrouwe
van Bokhoven deze plaats
met een bezoek vereren. Hij was vergezeld van zijn rentmeester Jonkheer Mr. Jan Baptist A. J. M . Verheijen. p6, linker kolom |
Van hoog deszelfs
komst verwittigd meende de Pastoor hem enigermate volgens zijn hoge stand te moeten ontvangen, hetwelk geschiedde door het uitsteken van
de nationale vlag, 't luiden der
kerkklokken en het versieren van
de kerk, alsmede door de
opwachting van de pastoor en 't houden van een toespraak in de pastorie,
alwaar Zijne Hoogheid enige
verversingen gebruikte en meer
dan vier uur vertoefde. Ook heeft
hij de kerk bezocht en het grafelijk
grafmonument gaan bekijken, waarbij
hij een blijk gaf van
Zijne godsdienstigheid door namelijk
bij het ingaan der kerk eerbiedig
wijwater te gebruiken en
onmiddellijk daarop, in de gewone banken
neergeknield, een kort
gebed te storten. De
Hertog was over Zijne ontvangst uiterst
tevreden, zoals blijkt
uit een brief, daags na zijn vertrek,
door zijn genoemde Rentmeester
aan de pastoor gezonden. Die
brief luidt als volgt: „Kasteel
van Loonopzand, 14 Augustus
1869" WelEerw .Heer en Vriend! De Hertog van Mirepoix
is zo voldaan geweest over de wijze waarop hij bij U is
ontvangen, dat hij mij heden
morgen bij zijn vertrek nog verzocht' heeft U daarvoor bij vernieuwing dank te zeggen en U als bewijs van aandenken zijn portrait
ter hand te stellen. Die taak te vervullen is mij zoo aangenaam, dat ik U dien dank nog heden
wil overbrengen. Ook ik dank U voor Uwe harte- p6, rechter kolom |
lijke ontvangst, blijf mij in Uwe vriendschap aanbevelen en heb de eer mij met ware achting te noemen U w d.w. d.r.
en Vriend (getekend) Verheyen (onder stond) Uwe redevoering was den Hertog mede zeer aangenaam, gisteren avond moest mijne
vrouw er kennis van nemen. Alhier volgt de gezegde redevoering of korte toespraak: Monsieur le Duc, Je suis charmé de vous voir ici arriver pour faire une visite a cette petite, mais en même temps remarquable paroisse. Je vous salue, Grandeur! comme notre Seigneur temporel très chéri. Je vous salue comme le digne descendent d'une famille aussi noble que
religieuse: je vous salue enfin comme l'héritier d'un genre de noblesse, à qui cette paroisse doit beaucoup de bienfaits et spécialement la liberté de Culte, la plus étendue, qui existe ici, il y a long temps si prérogative. Oui, Grandeur! nous vous sommes très fort obligé et c'est pour cela, que nous prions le Très Haut qu'il vous conserve longtemps heureux sur la terre, qu'il mise sa bénédiction sur vous et sur tous ceux qui vous sont chéris, qu'il vous donne un jour, le séjour bienheureux, dont jouissent déjà, comme je l'espère, tous vos ancêtres. - (Vertaling: Heer Hertog, het verheugt me buitengewoon U hier te mogen verwelkomen bij Uw bezoek aan deze kleine, doch p7, linker kolom |
|
|
|
|
|
gelijkertijd zeer merkwaardige parochie. Ik begroet U, Hoogheid als onze zeer geliefde wereldlijke gebieder - ik begroet U als de waardige afstammeling van een zowel edele als godsvruchtige familie - ik begroet U tenslotte
als de erfgenaam van een adellijk geslacht, waaraan deze parochie zeer veel weldaden te danken heeft en wel speciaal onze godsdienstvrijheid in al zijn uitgestrektheid zoals deze hier sinds lange tijd als zo'n
groot voorrecht bestaat. Beslist, Hoogheid, wij zijn U ten zeerste
verplicht en daarom bidden wij den Allerhoogste, dat Hij U nog lange tijd hier op aarde-
gelukkig laat zijn, dat Hij Zijn
zegen geve over U en over allen die U dierbaar zijn, dat Hij U ook eens geve de gelukkige levenshulp, waarover reeds nu, gelijk ik hoop, al Uw nabestaanden zich verblijden.) Een tweede hoog bezoek staat opgetekend in 1900. Pastoor van Uden
stierf 16 mei 1890 en werd opgevolgd door Adrianus Thomas Barnabas
van Heyst, geboren te Waalwijk 11 juni 1849; hij was rector in Koningslust onder de gemeente Helden in Limburg. Op 30 mei aanvaardde hij zijn functie en
werd plechtig geïnstalleerd op 7 juli door Deken J. H. van Baar met als getuigen de Pastoor van Engelen, E. B. Asseler
en de pastoor van Vlijmen A. v. d.
Pas. Pastoor van Heyst schrijft in
zijn memoriale: p7, rechter kolom |
„1900
Den zesden Aug. werd onze
gemeente vereerd door het bezoek
van Hare Hoogheid de Hertogin
Henriette de Chabannes de
la Palice, hertogin de Levis Mirepoix
en gravin van Bokhoven
en haar zoon Antoine, Marquis de Levis
de Mirepoix met haar Administrateur Simeon Oline en de Administrateur uit België Mr. Goelens
met Jhr. H. Verheyen, rentmeester van de Heerlijkheid van Bokhoven. Aan de
grenzen was een eereboog opgericht: hier
werd hare Hoogheid opgewacht
door het Gemeentebestuur. Het
muziekgezelschap van
Haarsteeg St. Cecilia luisterde de
plechtigheid op terwijl de Hertogin
verwelkomd werd bij monde
van de Directeur de Heer Heesbeen die eene
schoone fransche rede
uitsprak. Josina van der Leeden presenteerde
Hare Hoogheid een
bouquet. Op uitdrukkelijk verlangen
van de Hertogin volgde
zij te voet den optocht naar
de gemeente en speciaal naar
de pastorie waar zij een déjeuner zou
nemen, waaraan behalve de
bovengenoemde Heeren ook deelnamen de WelEerw. Heer
fr. Dominicus Ridder De van
der Schueren van de abdij van
Berne en de Burgemeester van
Bokhoven. Zeer genoegelijk was
het samenzijn met dat Hooge Gezelschap,
omdat de Hertogin zich
in alles zeer minzaam toonde, p9, linker kolom |
zich
beijverde om in alles en voor allen
verstaanbaar te zijn, doordat zij
zeer goed Duitsch sprak (ook
gaf zij bewijzen van haar kennis
van Latijn, Grieksch en Italiaans).
In de kerk gedroeg zij zich
zeer stichtend, zoo mede de Hertog
haar zoon die 16 jaar oud was. Geheel
Bokhoven vierde feest: van
alle huizen wapperde de nationale driekleur.
Fraaie erebogen sierden
de straten om hulde te brengen
aan deze hoogedele echtgenote van
den Hertog de Mirepoix, de
heer van Bokhoven, toen zij
voor de eerste maal met haar zoontje
een bezoek bracht aan deze
gemeente. Na geruime tijd op
de pastorie doorgebracht te hebben,
bezichtigde de hertogin het
schoone praalgraf van Engelbert van
Immerzeel en Helena de Montmorency, des hertogs voorzaten, daarna
de overblijfselen van
het grafelijk kasteel. Vervolgens
bezochten zij nog den
Burgemeester, deden een watertochtje op
de Maas zoover hun bezittingen
zich uitstrekten om vervolgens
de reis naar 's Bosch per
boot van den Waterstaat te aanvaarden. Bij
een ieder had de Vrouwe de indruk
nagelaten van een zeer eenvoudige,
hoogedele en godsdienstige française
te zijn. Pastoor Breugelmans p9, rechter kolom |
MORE ABOUT