Velden, G. M. van der, Nadere gegevens over de Franse school te Bokhoven.
M.G. Trou 1976, blz. 102-103.
In het parochie-archief van Bokhoven wordt een handschrift bewaard van
pastoor J. W. Hockx (1768-1789). In de inventaris van dit archief is het opgenomen
onder de dagboeken (inventarisnummer 471). Maar het is door de auteur op de
eerste plaats bedoeld als pastoreel register in dezelfde geest als zijn
opvolger pastoor W. I. de Bruyn (1789-1828) zijn pastorele register (invent. nr. 136) heeft opgevat. Als pastoreel register geeft het
heel summier de jaarlijkse inkomsten en uitgaven van de pastoor uit de pastoriegoederen,
uit collectes, giften en kerkelijke diensten.
In het dagboek van pastoor Hockx wordt vaak terloops gesproken over de in
zijn parochie aanwezige Franse School. Deze notities vormen een aanvulling op het
artikel in dit tijdschrift (jrg. 21, pag. 138-140): "Een Franse School te
Bokhoven".
Bij de beschrijving van de wijze waarop hij als pastoor na zijn benoeming
officieel werd binnengehaald merkt hij op, dat hij bij het passeren van de
Franse School daar hartelijk welkom werd geheten. "Onderwegens wierd ik ook
door den Franse schoolmeester gecomplimenteerd, die sijne schoolieren voor sijn
huys hadde geschaart, en hen de hoeden dede draegen en roepen dat ik lang mogh
leven".
Omdat, zoals reeds werd opgemerkt, het dagboek
vooral bedoeld was als register van de jaarlijkse inkomsten, keert telkens de
post van de inkomsten terug die hij van de kant van de Franse scholieren of hun
ouders, voogden of vrienden ontvangen had. In verhouding tot het geheel van de
inkomsten is het bed rag aan giften van hen, die bij de Franse School betrokken
waren, betrekkelijk hoog, zodat we mogen aannemen dat de leerlingen van gegoede
families waren.
De Franse School floreerde niet bijzonder. Het aantal leerlingen moet zeer
klein geweest zijn, hetgeen kan worden afgeleid uit de
volgende notitie: "Franciscus van Eersel, Fransche schoolmeester, hebbende
tot gebruyk sijner scholieren in de kerk gehad drie bijsondere stoelen of
sitbanken, waarvoor hij s'jaarlijx aan de kerk moest betalen 2 gls. 10 stuyvers,
heeft die sitbanken geabandonneert en sijn vervolgens aan andere particulieren verhuurt".
Onder de inkomsten van het jaar 1769 staat vermeld: "nog 44 gls. die
ik van de Franse scholieren bij haar eerste communie ontfangen heb".
De giften van de Franse scholieren of hun ouders, voogden en vrienden
verschillen van jaar tot jaar. Soms ontvangt hij giften in natura. De ene keer
is dit wijn, een andere keer een pond thee of een grote
Hollandse kaas. De giften worden steeds minder. Een keer merkt hij op:
"wegens de scholieren heb ik in dit jaar (1781) niets ontfangen als een pakxken chocolade".
Het liep met de Franse School hard achteruit. Zij veranderde geleidelijk aan
in een Duitse. In 1776 noteert hij, wat hij "van de Vrienden der Fransche
(en eenen Duytsche) scholieren" heeft ontvangen. In het jaar 1785 of 1786
schijnt de Franse School te zijn opgeheven. Daarvoor in de plaats is een Duitse
School gekomen. In de pastorele registers schrijft pastoor Hockx voor het jaar
1786: "Van de ouders van twee gebroeders, eerst op de Fransche (die er nu
niet meer is) en nu op de Duytsche school gaande, in mondbehoeftens op
verscheyde reysen ontfangen ter waarde van ruim twee ducaaten".
Deze Duitse School schijnt weinig levenskansen gehad te hebben. Men hoort
er verder niet meer van. De laatste notitie van pastoor Hockx van het jaar 1788
luidt aldus: "Van de ouders van twee vremde kinderen hier woonende ende
van een inboorling, alle hun eerste communie gedaan hebbende, ontfangen 7 gls.
6 st., behalven dat ik nog van de ouders van drie kinderen hier woonende
(waarvan ook eenen zijn eerste communie gedaan heeft)
op verscheyde reysen in dit jaar aan mondbehoeftens etc. ontfangen heb gehad
ter waarde van ruim 15 gls". Ook zijn opvolger, pastoor de Bruyn, noteert
niets meer over een Franse of Duitse school.
G. v. d. Velden, o.praem.
past. em. van Bokhoven.