HUWELIJKSVOORWAARDEN VAN DE ECHTVERBINTENIS TUSSEN FLORIS VAN GREVENBROECK

EN CORNELIA VAN HARFF IN 1551

G. M v d Velden, opraem in MGT 1988, pp 46 t/m 48

In de lijst van de Heren van Bokhoven komt de naam van Floris van Grevenbroeck voor als baron van deze heerlijkheid van 1551 tot 1570. Het jaar 1551 was het jaar waarin Floris in het huwelijk trad met Cornelia van Harff. Aan haar dankte hij zijn titel van baron van Bokhoven. Cornelia was namelijk weduwe van Goyart Torck 1), heer van Bokhoven. Na zijn dood was Cornelia in het bezit gebleven van de sinds 1499 tot baronie verheven heerlijkheid.

In het archief van de familie Van Harff bevindt zich het zogenaamd "openbaar instrument" van de huwelijksvoorwaarden betreffende de echtverbintenis tussen Floris en Cornelia. Dit stuk werd opgemaakt op 24 november 1551 te Bokhoven op het kasteel. Zoals in plechtige

stukken gebruikelijk was, is de datum met grote nauwkeurigheid aangegeven met opgave van de indictie 2), met de mededeling, dat het het tweede jaar was van het pausschap van Julius III en het drieëndertigste jaar van het keizerschap van Karel V.

Het moet rond die dag van de 24ste november in het dorp erg druk zijn geweest. Want van beide partijen waren vele familieleden en vrienden naar Bokhoven bijeengekomen. Het was een komen en gaan van koetsen met paarden en mogelijk zijn sommigen per boot over de

Maas naar het hoog boven het landschap oprijzende kasteel gekomen.

Afgezien van het meegekomen personeel waren van de kant van de toekomstige bruidegom naar Bokhoven gereisd: zijn vader Dirk van Grevenbroeck 3), heer van Venloon (Loon-op-Zand) en zijn oom Philips van Immerseel 4), heer van Immerseel, die hun zegels aan het

document hebben gehangen; van de kant van de bruid haar broer Godert van Harff en Willem van Gerezen 5), heer van Sinsich, die eveneens het stuk van hun zegels hebben voorzien.

Behalve deze voornaamste zegelaars waren naar Bokhoven gegaan de moeder van de bruidegom, Philiberta van Immerseel 6), Cornelis, heer van Spangen 7), ridder, Baltasar Massereel 8), kanunnik te Breda, Gerard van Malsen, drossaard van Gorinchem en Adriaan

van Malsen 9), heer van Tilburg, Henrik van Merode 10), baanderheer van Petershem, Albert van Honseler 11) en Willem van Merode. Ook zij allen, behalve Philiberta, voorzagen de notariële akte van hun zegels. Deze elf aangekondigde zegels zijn niet meer aanwezig.

p 46

Volgens de inventaris van het archief van de Heren van Loon op Zand 12) bevonden zich daarin, zoals te verwachten was, ook exemplaren van het onderhavige stuk. Het ene was bezegeld met slechts één zegel in rode was, het andere met zeven uithangende zegels eveneens in rode was.

Van de drie instrumenten wordt uitdrukkelijk vermeld, dat ze op perkament zijn geschreven.

Behalve door het aanhangen van zegels werd het dokument bovendien bevestigd door de plaatsing van handtekeningen, en wel van de volgende personen: Dirk van Grevenbroeck, de vader van de bruidegom, en Pniliberta van Immerseel, de moeder van de bruidegom; door de

bruid en de bruidegom Floris en Comelia; door Godert van Harff, de broer van de bruid; door Jan Dirk Hermanssen, kapelaan op het huis van Bokhoven; door de notaris, Henricus Oliverius, clericus van Den Bosch en daar ook woonachtig, voor wie de akte passeerde; en ten slotte door J. Kessel, die het stuk in de definitieve vorm schreef; omdat de notaris zelf, gezien zijn drukke bezigheden, daar geen tijd voor had. Opvallend is, dat de pastoor van de parochie, Wichman van Harderwijk, er blijkbaar niet aan te pas is gekomen.

Floris en Cornelia kregen de volgende goederen en inkomsten toegewezen. Van de kant van de ouders van de bruidegom:

1. een jaarlijkse rente van 250 karolusgulden 13) uit goederen van de heer van Zevenbergen;

2. een hoeve te Udenhout onder Oisterwijk, die jaarlijks 100 karolusgulden opbracht;

3. 34 morgen land in het Land van Altena aan de Werken, jaarlijks opbrengende 100 karolusgulden;

4. een hoeve met toebehoren te Drunen, jaarlijks 60 karolusgulden waard;

5. een cijns van geld, rogge en hoenderen uit goederen gelegen te Tilburg en Goirle, jaarlijks 55 karolusgulden waard;

6. 51 bunder moer in de heerlijkheid Dongen, jaarlijks opbrengende 400 karolusgulden.

 

Van de kant van de bruid:

 

p 47

1. het huis en de heerlijkheid van Bokhoven;

2. de heerlijkheid Olmen 14);

3. een tiende te Hedikhuizen;

4. de goederen, die de bruid van haar oom, Jan van der Aa, had behouden;

5. al haar andere goederen;

6. de goederen, die zij van haar eerste m a n krachtens zijn testament had gekregen.

Onder de huwelijksvoorwaarden zijn ook allerlei regelingen opgenomen voor het geval dat een van hen, of beiden kwamen te sterven met of zonder wettig kind of wettige kinderen na te laten.

Ten slotte beloofden de beide partijen, zich stipt aan het overeengekomene te zullen houden en geen beroep te zullen doen op mogelijke rechten, die men zou kunnen laten gelden.

Floris van Grevenbroeck is tot 1570 baron van Bokhoven gebleven. Uit zijn huwelijk met Cornelia van Harff werd geen zoon, wel een dochter geboren, Josina geheten. Zij huwde met Engelbert I van Immerseel, waardoor en waarna de heerlijkheid Bokhoven voor lange tijd aan

deze familie is gebleven.

 

1) Goyart Torck was de zoon van Lubbert en Heilwich van Hemert (Nederhemert).

2) Indictie is een niet meer gebruikelijke wijze om een jaar aan te duiden. Vanaf het jaar 3 vóór Christus

verdeelde men de tijd in periodes van 15 jaren. O m een jaar aan te duiden gaf men op, in de

hoeveelste periode het jaartal viel en het hoeveelste jaar binnen deze periode of cyclus. Als regel gaf

men slechts dit laatste aan. In het onderhavige geval staat "ten negensten indictie" d.w.z. in het

negende jaar van de lopende indictie. En dat was de 104de.

3) Dirk van Grevenbroeck was de zoon van Robbrecht en Marie van Haestrecht. Deze Marie was op 21

december 1492 beleend met Loon op Zand. Zo kwam Loon op Zand in de familie Van Grevenbroeck.

Robbrecht stierf 20 januari 1528 en Marie 2 april 1535. Dirk werd toen beleend met Loon op Zand.

4) Philips van Immerseel was een broer van Philiberta. Hij trad op 21 juli 1545 in het huwelijk met Marie

van den Dale.

5) Willem van Gertzen was wellicht een broer van de moeder van Cornelia van Harff. Haar moeder

heette namelijk Johanna van Gertzen.

6) Philiberta van Immerseel was evenals de hierboven genoemde Philips van Immerseel een kind van

Jan van Immerseel en Marie van Lannoy.

7) Een Van Spangen is bekend uit de stamboom van de familie Torck. De hierboven genoemde Lubbert

Torck had een broer Willem, die gehuwd was met Josina van Merode. Een dochter uit dit huwelijk,

Anna, was gehuwd met een Van Spangen.

8) De familie Massereel komt voor in de familie Van Harff. O p 23 juni 1523 werd een huwelijksovereenkomst

gesloten tussen Jan van Baexen ridder, weduwnaar van Geertrudis van der Aa, zuster van Jan

van der Aa, en Elisabeth van Harff, zuster van Cornelia van Harff. Hendrik van Massereel trad hierbij

als zegelaar op.

9) Adriaan van Malsen was de zoon van Robbert van Malsen en Margriet van Haestrecht. Hij huwde in

1527 met Josina van Blaesvelt. Zij overleden beiden te Tilburg in 1560.

10) Henrik en Willem van Merode zijn naaste familieleden van Beatrix van Merode, de grootmoeder van

moederszijde van Cornelia van Harff.

11) Albert van Honseler, drost van Zons, was de echtgenoot van Anna van Harff, een zuster van Cornelia.

12) Zie: J. v.d. Hammen Nicz., Inventaris van het Oud-archief van de heerlijkheid Bokhoven opgemaakt

van 20 maart tot 24 april 1624, in Taxandria, jrg. 34, blz. 86.

13) Karolusgulden is een gouden en zilveren munt terwaarde van 20 stuiver

14) Olmen ligt in België ten zuiden van Mol. Olmen is in het bezit van de heren en vrouwen van Bokhoven gekomen langs Margaretha van Olmen, de eerste echtgenote van Jan Oem I, heer van Bokhoven van 1365 tot 1398

p 48